zaterdag 16 april 2022

Overweging voor de Paasnacht - De Heer is waarlijk opgestaan, alleluja! 2016

In de heilige kerstnacht wordt in het nachtofficie de volgende tekst uit het boek Wijsheid gezongen: “Toen de nacht de helft van zijn weg had afgelegd en alles in diepe rust verzonken was, sprong uw almachtig Woord op van zijn troon in de hemel om neer te dalen naar de aarde die in de greep was van het kwaad.
Ook vandaag heerst de stilte, de rust van het graf. U kent allemaal wel de Matteüspassion van Johan Sebastian Bach die sluit met de onvergetelijke tekst op die even onvergetelijke melodie: Ruhe sanfte, sanfte Ruhe! Jezus rust in het graf waarin hij is neergelegd. En ook Jeruzalem en het heilige Land zijn in rust, want het is sabbat, de rustdag, de dag waarop God ophield met zijn scheppingswerk. Lezen we niet in het boek Exodus: “Houd de sabbat in ere, het is een heilige dag. Want in zes dagen heeft de HEER de hemel en de aarde gemaakt, en de zee met alles wat er leeft, en op de zevende dag rustte hij. Daarom heeft de HEER de sabbat gezegend en heilig verklaard.” Jezus rust, de mensen rusten en ook God rust.
Maar de zon is nu ondergegaan, de sabbat, de zevende dag, is voorbij. Er begint een nieuwe week, met een nieuwe eerste dag. In de H. Schrift begint een nieuwe dag altijd eerst met het donkere deel, vanaf het tijdstip dat de zon is ondergegaan, en dan met het lichte deel, vanaf het tijdstip dat de zon aan het opkomen is. Het werd avond en het werd morgen, hoorden we zojuist, één dag; het werd avond en het werd morgen, de tweede dag enzovoorts. Nu de zevende dag is geëindigd en de eerste dag begonnen, is het weer tijd voor actie, mogen de mensen en ook God weer aan het werk. Alle vier evangelisten zeggen met wat andere woorden ongeveer hetzelfde: al na zonsondergang, toen de rustdag voorbij was, op de eerste dag van de week, kwamen de vrouwen in actie: Maria uit Magdala, Maria, de moeder van Jakobus, en Salome. Zij gingen naar de markt om geurige oliën te kopen om volgens Joodse rituelen het lichaam van Jezus te balsemen. Maar zij wachten nog tot de eerste zonnestralen de duisternis zou verdrijven om dan hun werk bij het eerste daglicht te verrichten. Maar als zij op de avond van de eerste dag al aan het werk gaan om oliën te kopen, zou God dan werkloos blijven toekijken? Zou ook hij niet in actie komen? Begon hij niet op de eerste dag duisternis en licht van elkander te scheiden, en luidden zijn machtswoord niet: Het worde licht. Deze eerste dag waarop God opnieuw aan de slag gaat, is het begin van een nieuwe schepping. Nog voor de vrouwen in afwachting van het daglicht naar het graf gaan, is God al aan het werk gegaan om zijn beminde Zoon uit de doden op te wekken.
Was het Jezus niet die de doodzieke schoonmoeder van Petrus vanaf haar ziekbed deed opstaan? Was het Jezus niet die het overleden dochtertje van Jaïrus  uit de dood deed verrijzen? Hoe zou Jezus, de Zoon van God, die doden deed verrijzen, dan zelf in de greep van de dood kunnen blijven? Daarom: zoals God op de eerste dag van de schepping licht uit duisternis deed ontstaan, zo wekte hij op de eerste dag van de herschepping zijn geliefde zoon Jezus levend op uit de greep van de dood.
In de heilige Kerstnacht daalde Gods almachtig Woord af van zijn troon naar de aarde om het vergankelijke leven van ons mensen te delen. Nu, in de heilige nacht van Pasen, op de eerste dag van de week, keert hij terug naar zijn troon in de hemel, als overwinnaar van de dood.

De vrouwen troffen bij de eerste zonnestralen van de eerste dag slechts een leeg graf aan. Tot op de dag van vandaag getuigen zij tegenover ons dat de dood geen eindpunt is, maar een doorgang naar de verheerlijking bij God. En de geurige oliën die zij gekocht hadden? Die zijn niet weggegooid! Tot op heden dienen zij als balsem op de wonden van onze zielen, zo vaak aan twijfel ten prooi. Daarom roepen wij vol overtuiging: De Heer is waarlijk opgestaan, alleluja!                                                                                Dr. Alfons Jaakke pr.