zondag 30 maart 2025

Overweging God is anders - 4QC

Vooral in het verleden zagen zeer veel mensen God nooit zonder angst. In hun verbeelding ziet God somber neer op de aarde en zoekt met scherpe blik naar fouten. Hij controleert en haalt je zakken leeg als een douanier of Hij steekt zijn hand omhoog als een agent: ‘Meneer, u bent in overtreding!’ In hum ogen is God nooit tevreden. Ook als Hij van je houdt, ziet Hij je toch maar staan in je kleinheid , in je alsmaar overtreden van de wet. Zo’n kijk op God stoot af want van zo’n God mag niks. Dan is de God van het evangelie, die Jezus een vader noemde, heel anders. Hij is een God van leven en liefde en al het andere mag je vergeten, toorn, afstand, wraak, … Stel u God voor als een vader die door zijn zoon in de steek is gelaten en geen moment denkt aan wraak maar aan terugzien; die dagelijks met de hand boven de ogen de weg afzoekt en in de verte tuurt. En áls hij dan in de verte zijn kind ziet aankomen hem tegemoet snelt, kust en omhelst en een feest geeft. Waar is hier de zonde? Het verwijt? Waar vraagt de vader om verantwoording? De jongen nam wel het initiatief en ging terug naar zijn vader in het besef dat hij de plank had misgeslagen. Zijn vader heeft hem omhelsd. Afgelopen! Vergeven en vergeten. Het is jammer dat sommige christenen soms zo somber kijken. Ze kijken blijkbaar niet dat gevoel van innerlijke vrijheid dat hun geloof toch kan geven. Misschien beelden zij zich in dat God hun geen echte levensvreugde gunt. Dit, terwijl de Bijbel zegt: ‘Leef in vrijheid’. Natuurlijk spoort de Bijbel niet aan tot ongebondenheid: leef maar raak, doe maar aan, laat je maar gaan bij alles waarheen je gedreven wordt door bepaalde krachten. Maar het leven kan wél van een nieuwe, van een andere vrijheid worden doortrokken. Je bent je ervan bewust dat je door God gedragen wordt, dat je bij Hem geborgen bent. God schenkt ons een nieuw leven, stort Zijn kracht in ons uit. Tenslotte neemt Hij ons van het sterfbed mee naar een ander en gelukkiger leven. Dit leidt tot vertrouwen. Heeft Hij niet gezegd: ‘Wie gelooft in Mij, wie vertrouwt op Mij, die heeft eeuwig leven?’ Wanneer je iets wilt zeggen, heb je niet altijd woorden nodig. Je kunt de deur hard achter je dichtsmijten, op je voorhoofd tikken…. Iedereen begrijpt het. In het levensverhaal van Jezus spelen tekens een belangrijke rol. Mensen drukken hun geloof uit in een teken. Een zieke vrouw raakt de kleren van Jezus aan. Een andere kust de voeten van Jezus. Jezus begrijpt die tekens en zegt: ‘Uw geloof heeft u gered, ga in vrede.’ Jezus zelf gebruikte zelf ook tekens. Hij omhelsde kinderen om hen te zegenen. Hij legde zieken de handen op. In de tekens van brood en wijn geeft God zichzelf. Na de dood van Jezus begonnen tekenen een belangrijke plaats in te nemen in de gemeenschap van zijn volgelingen. Degenen die in God geloofden, maakten dit kenbaar door zich te laten dopen. Hun geloof maakten zij zichtbaar door tekens. Dit doen christenen nog steeds: denk maar eens aan de mis en aan de ziekenzalving. Waar deze tekens gesteld worden, is God aanwezig met zijn hulp, zijn goedheid, vrede en liefde.