woensdag 12 december 2018

dinsdag 11 december 2018

Lectio divina lingua latina Liturgia Horarum Feria III Hebdomadæ II Adventus Ad Officium lectionis De indole eschatologica Ecclesiæ peregrinantis

Lectio altera
Ex Constitutióne dogmática Lumen géntium Concílii Vaticáni secúndi de Ecclésia
(nr. 48)
Tweede lezing

Uit de dogmatische constitutie Lumen gentium van het Tweede Vaticaans Concilie Over de Kerk

De Kerk waartoe wij allen geroepen worden in Christus Jezus en waarin wij door Gods genade tot de heiligheid komen, zal slechts haar voltooiing bereiken in de hemelse heerlijkheid, wanneer de tijd komt van het herstel van alle dingen, en wanneer met het menselijk geslacht ook heel de wereld, die nauw met de mens is verbonden en door de mens tot haar einddoel geraakt, volmaakt hersteld zal worden in Christus.
Toen Christus van de aarde was omhooggeheven heeft Hij allen tot zich getrokken,
en toen Hij van de doden was verrezen,  heeft Hij zijn levendmakende Geest uitgestort over zijn leerlingen en door Hem zijn lichaam, de Kerk, gemaakt tot het universeel heilssacrament. Gezeten aan de rechterhand van de Vader is Hij voortdurend werkzaam in de wereld om de mensen tot de Kerk te brengen, hen door de Kerk nauwer met zich te verbinden en hen door het voedsel van zijn eigen Lichaam en Bloed deelachtig te maken aan zijn verheerlijkte leven. Het herstel dus, dat ons beloofd is en dat wij verwachten, is reeds begonnen in Christus, wordt doorgezet bij de zending van de Heilige Geest en blijft door Hem verder gaan in de Kerk, waarin wij door het geloof worden onderricht ook omtrent de zin van ons aardse leven terwijl wij het werk, dat de Vader ons in de wereld heeft opgedragen, volbrengen met de hoop op de toekomstige goederen en zo werken aan ons heil.

Zo is het einde der tijden reeds tot ons gekomen, en de vernieuwing van de wereld is onherroepelijk vastgelegd en wordt in deze tijd op reële wijze geanticipeerd: want de Kerk is reeds op aarde gesierd met een echte, zij het dan onvolmaakte, heiligheid. Maar zolang de nieuwe hemelen en de nieuwe aarde, waar gerechtigheid zal wonen, er nog niet zijn, draagt de Kerk op haar aardse pelgrimstocht in haar sacramenten en instellingen, die tot deze tijd behoren, de voorbijgaande gedaante van deze wereld, en maakt zij ook deel uit van de schepping, die zucht en barensweeën lijdt altijd door en met vurig verlangen uitziet naar het ogenblik dat de heerlijkheid van de kinderen Gods openbaar zal worden, 

vrijdag 7 december 2018

Boodschap voor de Advent van Mgr. Hub Schnackers, diocesaan administrator Wakker geschud worden uit de allefaagse opppervlakkigheid.


Geliefde broeders en zusters, dierbare medegelovigen,

De tijd vliegt voorbij en Kerstmis nadert met rasse schreden. Deze laatste periode vóór Kerstmis valt ongeveer samen met de maand december. Een drukke maand, waarin veel te doen valt. We denken natuurlijk aan de gezelligheid rond Sinterklaas. Die vroeg veel voorbereiding, zoals cadeautjes inkopen en gedichten schrijven. Heel wat hersenen zijn er gepijnigd om voor iedereen iets leuks te bedenken, dat we in naam van de Sint konden schenken.

Nu de goedheiligman intussen in het niet verdwenen is, lukt het ons beter om ons op het komende kerstfeest te concentreren. Om Kerstmis goed te kunnen vieren, is een voorbereiding noodzakelijk in de Adventstijd. Met de Advent beginnen we bovendien aan een nieuw kerkelijk jaar, waarin we achtereenvolgens weer de grote gebeurtenissen uit het leven van Jezus vieren.

Met Kerstmis staan we stil bij de geboorte van de Heiland. Vier zondagen bereiden we ons voor op dit grote feest. Op symbolische wijze drukken we uit hoe ons verlangen en onze feestvreugde groeien, door elke zondag een kaars extra op de adventskrans aan te steken. We laten ons op de weg naar Kerstmis leiden door de grote Messiaanse voorspellingen van de profeet Jesaia. Hij spreekt over het komende paradijselijk geluk waarin dieren, die elkaar normaal zouden verslinden, vredig naast elkaar liggen. En waarin oorlogstuig als zwaarden en speren tot gebruiksvoorwerpen is omgesmeed.

We laten ons vervolgens door Johannes de Doper wakker schudden uit de alledaagse oppervlakkigheid. Hij vraagt ons de kronkelpaden van een onwaarachtige levensstijl recht te maken en de heuvels van achterdocht en argwaan te slechten, zodat we recht door zee de weg naar Kerstmis kunnen afleggen.

Tenslotte mogen we delen in de blijde verwachting van de aanstaande moeder Maria. Meer dan wie ook kent zij het geheim van Kerstmis, dat God mens wordt. Die menswording doet ons beseffen dat God geen God-op-afstand is, maar een nabije God, een aanraakbare God, God-met-ons: de Emmanuel.

Advent betekent 'komst'. In deze Adventstijd willen wij ons erop toeleggen om de Heer weer een grotere plaats in ons leven te geven. Door de drukte en de zorgen van alledag is Hij misschien aan de rand van ons bestaan terecht gekomen en is Jezus in de vergetelheid geraakt.

Ook al gaan we het feest van Gods menswording vieren, toch leven veel mensen alsof dat niet gebeurd is. Ze leven niet, zoals onze jaartelling zegt ‘ná Christus’, maar als het ware nog ‘vóór Christus’. De betekenis van Gods menswording is hen nog niet duidelijk geworden. Ze hebben God niet, of alleen aan de rand van hun leven, toegelaten. Misschien denken ze zelfs: “Ik ben mijn eigen God.” Of: “God moet mij met rust laten.”

Tegenover onze reserves wordt God gelukkig niet afstandelijk, maar laat Hij zijn liefde juist toenemen. Zoals ouders voor een lastig kind vaak extra liefde opbrengen. Want God heeft iets goeds voor ons: zijn eigen Zoon, die ons tot mensen van God wil maken, mensen van geloof, hoop en liefde. God schenkt ons zijn Zoon om ons van binnenuit te veranderen, opdat wij medewerkers worden aan Zijn Koninkrijk van liefde, gerechtigheid en vrede.

Als wijzelf de koers van ons leven willen uitzetten, laten we ons al snel leiden door de patronen van eigen gelijk, eigen voordeel en eigenbelang. Dan gaan er waarden heersen als ‘me first’ en verhardt het leven tot een grote belangenstrijd.

Om ons van die nabijheid van God in het kerstkind intenser bewust te worden, is de Advent een noodzakelijke opmaat naar het grote feest van Kerstmis. In deze voorbereidingstijd zeggen we daarom 'welkom' tot Jezus. We willen de band met de Heer weer aanhalen, zodat Hij zich geen vreemdeling hoeft te voelen tijdens onze invulling van wat we ‘de feestdagen’ zijn gaan noemen. Wij willen aan het begin van dit kerkelijk jaar de Heer vragen dat de liefde van Jezus ons tot in het diepst van ons hart mag raken.

Voor ons bisdom Roermond heeft deze Advent een heel bijzonder karakter door de wijding van de nieuwe bisschop Mgr. Harrie Smeets, op de feestdag van Maria Onbevlekt Ontvangen, patrones van ons bisdom.

Vorig jaar namen we op de tweede zaterdag van december afscheid van Mgr. Frans Wiertz. Een heel jaar is er naar een nieuwe en goede bisschop uitgezien en is er gebeden tot de heilige Geest. Op woensdag 10 oktober werd het vreugdevolle feit van zijn benoeming bekend gemaakt en stelde hij zich via de media voor. We hopen dat hij ons met zijn woord en voorbeeld mag bezielen om de advent te laten voortduren als een niet aflatende uitnodiging en oproep om Jezus tot ons eigen leven toe te laten. Het is de oproep tot een getuigend en uitnodigend geloof, dat uitstraling heeft. Het geloof is er niet om onder de korenmaat te plaatsen en onzichtbaar te zijn, maar om het licht van Christus te laten stralen in deze wereld, zodat God eer wordt gebracht en mensen elkaar in liefde en geluk nabij zijn.

Kerstmis vieren we in donkere winterdagen. Moge het kerstkind licht, warmte en
vreugde brengen in ieders leven.

Ik wens u, mede namens de pasgewijde bisschop
Harrie Smeets en hulpbisschop Everard de Jong een gezegende adventstijd
en voor 25 december alvast een Zalig Kerstfeest.

Roermond, advent 2018

Mgr. Hub Schnackers,
diocesaan administrator