zondag 31 mei 2026

Het Mysterie van de Heilige Drieëenheid uitgebeeld door de icoon van Geert Hüsstegen

 

Vandaag, het hoogfeest van de Heilige Drieëenheid, bidt de Kerk het volgende Collectegebed:

God en Vader,
die door het Woord der waarheid en de Geest van heiliging in de wereld te zenden
uw wonderbaar mysterie aan de mensen bekend hebt gemaakt,
geef dat wij in de belijdenis van het ware geloof, de glorie van de eeuwige Drieëenheid erkennen en de Eenheid in de macht van uw majesteit aanbidden.

De prachtige icoon van Geert Hüsstegen verzinnebeeldt dit gebed.




















De icoon is gebaseerd op het Bijbelverhaal uit Genesis 18, waarin drie geheimzinnige reizigers (engelen) op bezoek komen bij Abraham en Sara bij de eik van Mamre. In de christelijke traditie wordt dit bezoek gezien als een voorafbeelding van de Heilige Drie-eenheid.
De drie engelen zitten rond een tafel en vormen samen een perfecte, harmonieuze cirkel die symbool staat voor oneindigheid en eenheid.
Aan de voorkant van de tafel is een open ruimte gelaten. Dit nodigt de toeschouwer uit om symbolisch aan te schuiven en deel te nemen aan de goddelijke gemeenschap.
Abraham en Sara op de icoon staan afgebeeld; dit duidt op de wisselwerking tussen de mens en het goddelijke .
De icoon is een directe lofzang op de oosterse gastvrijheid. Abraham en Sara ontvangen drie wildvreemde reizigers met het allerbeste wat ze hebben (een geslacht kalf en vers gebakken brood). De diepere spirituele betekenis hiervan is dat wie openstaat voor de medemens, onbewust God zelf kan ontmoeten. Dit verwijst direct naar de Bijbeltekst uit Hebreeën 13,2: "Houd de gastvrijheid in ere, want zo hebben sommigen zonder het te weten engelen herberg verleend."
Abraham en Sara dragen eten en drinken aan. Dit geeft hen de rol van dienaren. Dit heeft een diepe liturgische betekenis: zij symboliseren de mensheid die de gaven van brood en wijn (en het offer van het kalf) aanbiedt aan God, wat rechtstreeks verwijst naar de voorbereiding van de Eucharistie. Dit wordt weer kernachtig verwoord door

GEBED OVER DE GAVEN in de H. Mis vandaag:

Heilig, [zo] smeken wij [U], Heer, onze God,
door het aanroepen van uw Naam
deze gaven van onze toegewijde dienst,
en maak ons zelf door deze offergaven tot een eeuwige offergave voor U.



zaterdag 30 mei 2026

De Pastoor van Ars over het kruisteken:

In de Naam van de vader, de Zoon en de Heilige Geest…
Voor de duivel is het kruisteken iets verschrikkelijks, omdat wij aan hem ontkomen door het kruisteken . . . Met grote eerbied moeten wij het kruisteken maken. Men begint bij het hoofd waarmee op het Hoofd, de schepping, de Vader wordt gewezen. Dan volgt het hart: de Liefde, het Leven, de Verlossing – de Zoon; tenslotte de schouders: de Kracht – de Heilige Geest. Alles herinnert ons aan het kruis. Wij zijn zelf in de vorm van een kruis geschapen.

Het Kruisteken: In de naam van de Vader, de Zoon en de heilige Geest.


Iedere keer als wij het kruisteken maken, verwijzen wij daardoor naar de grote geheimen van ons geloof: de Heilige Drievuldigheid en het lijden van Christus aan het Kruis voor onze -persoonlijke- verlossing; in die zin is het kruisteken een geloofsbelijdenis. Als wij beseffen waar het kruisteken voor staat, zullen wij dat vanzelf met gepaste eerbied doen.

Christenen hebben vanaf de vroegste tijden het kruisteken gemaakt. Tertullianus (omstreeks 240) schrijft: "Bij het begin en onder het werk, bij het binnenkomen en naar buiten gaan, bij het aankleden, bij het slapen gaan en bij alles wat wij doen, tekenen wij het voorhoofd met het kruisteken".

In de lezingendienst van het feest van Kruisverheffing (14 september)is een preek opgenomen van de H. Andreas, bisschop van Kreta (overleden 740), waarin onder meer vermeld: "Was er geen kruis, dan was Christus niet gekruisigd. Bestond er geen kruis, dan was het leven niet aan het kruishout genageld. Was dat niet gebeurd, dan was er uit de zijde van Christus niet de bron van onsterfelijkheid opgeweld, bloed en water die de wereld reinigen, de oorkonde van onze zondigheid was niet verscheurd, wij hadden de vrijheid niet gekregen, niet van het levenshout mogen genieten, het paradijs was niet opengesteld. Was er geen kruis geweest, dan was de dood niet neergeslagen, de hel niet van zijn wapens beroofd".

Collectegebed Eerste zondag na Pinksteren - Heilige Drieëenheid - "In macht en majesteit te aanbidden"



Collectegebed Eerste zondag na Pinksteren

Heilige Drieëenheid

Vandaag belijden we ons vast geloof in de leer van de H. Drieëenheid, het vaste fundament van de christelijke waarheid en het meest geheimnisvolle van alle dogma’s.

Binnen de cyclus van het kerkelijk jaar heeft dit feest een passende plaats: na de Hemelvaart van de Zoon naar de Vader, de Komst van de H.Geest met Pinksteren en de zondag daarna de H. Drieëenheid. Toen de Apostelen met Pinksteren de H. Geest hadden ontvangen, begonnen zij te prediken en te dopen, volgens het bevel, dat Christus hun had gegeven, toen Hij tot hen sprak: “Gaat dan en onderwijst alle volken, en doopt hen in de Naam van de Vader, en de Zoon en de Heilige Geest, en leert hen onderhouden alles wat Ik u bevolen heb” (Mt 28,19). Het feest van de H. Drievuldigheid volgt dus heel logisch onmiddellijk op het Pinksterfeest.

God de Vader heeft ons door de Zoon geschapen die ons heeft verlost en ons juist door de openbaring van de Vader en diens liefde, voor onszelf duidelijk heeft gemaakt (cf Gaudium et Spes, 220). God de Heilige Geest heiligt ons in Christus’ Kerk zodat wij mogen delen in het trinitaire leven van Vader, Zoon en Heilige Geest, nu en in de toekomst.

Collectegebed

Latijn (Missale Romanum 1970)

Deus Pater, qui, Verbum veritatis et Spiritum sanctificationis mittens in mundum,
admirabile mysterium tuum hominibus declarasti,
da nobis, in confessione verae fidei,
aeternae gloriam Trinitatis agnoscere,
et Unitatem adorare in potentia maiestatis.


Nederlands Altaarmissaal - 1979
God onze Vader,
Gij hebt het Woord der waarheid en de Geest die heilig maakt, in de wereld gezonden om aan de mensen het verheven mysterie van uw Godheid te openbaren.
Geef dat wij het ware geloof belijden door de glorie van de eeuwige Drievuldigheid te erkennen en door haar eenheid in macht en majesteit te aanbidden.

Meer letterlijke vertaling
God en Vader, die door het Woord der waarheid en de Geest van heiliging in de wereld te zenden uw wonderbaar mysterie aan de mensen bekend hebt gemaakt,
geef dat wij in de belijdenis van het ware geloof, de glorie van de eeuwige Drieëenheid erkennen en de Eenheid in de macht van uw majesteit aanbidden.

L i t u r g i s c h e  a n t e c e d e n t e n
In de vroege Kerk was er geen aparte dag voor de Allerheiligste Drieëenheid, maar ter bestrijding van de ariaanse ketterij kwamen er geloofsbelijdenissen en ook een officieformulier voor de zondag met cantica, responsories, een prefatie en hymnen. In het Sacramentarium Gregorianum Vetus (9e eeuw) staan gebeden en een prefatie van de H. Drieëenheid. In 920 stelde bisschop Stephanus van Luik een afzonderlijk feest in ter ere van de H. Drieëenheid en paus Johannes XXII (+ 1334) breidde dit feest uit tot de universele Kerk, te vieren op de 1e zondag na Pinksteren. Deze dag werd verhoogd tot de waardigheid van een feest 1e klas door paus Pius X (+ 1914). In de Novus Ordo kreeg het de rang van sollemnitas.

Het collectegebed is een centonisatie – een mettertijd steeds verder uitgebreide verfraaiing – van divers materiaal: tekstfragmenten uit de collecte van het Romeinse Missaal 1962 en van elders, en mogelijk een nieuwe compositie. De opmerkelijke formulering admirabile mysterium werd reeds gebruikt om de leer over de H. Drieëenheid uit te drukken in de Gesta collationis Carthaginiensis habitæ inter Catholicos et Donatistas… de verhandelingen van het Concilie van juni 411 te Carthago waaraan katholieke en Donatistische bisschoppen deelnamen. Sint Augustinus van Hippo (+ 430) speelde een belangrijke rol bij deze conferentie. Dit en de formulering confessio veræ fidei suggereren dat deze oratie, ofschoon een nieuwe compositie, wezenlijk is gebaseerd op Augustinus’ werk De Trinitate, het eerste grote tractaat op het terrein van de systematische theologie in het Latijn, en dat verrast niet.

In het collectegebed treedt allereerst de directe anaklese van God als Vader in het oog, in een betrekkelijke lange bijzin gevolgd door een memoreren van twee fundamentele heilsfeiten waarin de Vader zijn heilswil openbaart en voltrekt. Het “tribue nobis” of een “quæsumus” dat men zou kunnen verwachten in de oratie als opmaat naar de eigenlijke vraag ontbreekt hier. De eigenlijke tweeledige bede omvat –direct verbonden met de belijdenis van het ware geloof – de erkenning en aanbidding van de Drieëne God in zijn macht en majesteit.

Er weerklinken voorts echo’s van de openbaringen (epiphanieën) van de H. Drieëenheid zoals die zijn beschreven in de H. Schrift: bij het doopsel van Jezus door Johannes in de Jordaan toen de H. Geest als een duif verscheen en de stem van de Vader werd gehoord (cf Lc 3) en toen Jezus van gedaante veranderde voor de ogen van Petrus, Johannes en Jacobus (cf Mt 17). God “maakte bekend, openbaarde, manifesteerde, toonde, verkondigde in het openbaar” (declarasti, een verkorte vorm van declaravisti, van declaro) het wonderbaarlijk mysterie (admirabile mysterium) dat Hij is Drie in Eén, een Drieëenheid van goddelijke Personen, God de Vader, God het Woord van Waarheid, God de Geest van heiliging, één ondeelbare God.

Waarachtig christelijk geloof (vera fides) veronderstelt noodzakelijkerwijs dat wij erkennen (agnoscere – “ons eigen maken, bekendmaken, toestaan, toelaten, toegeven dat iets iemands eigendom is, erkennen, herkennen, accepteren, toegeven te zijn) dat God is Drie-Een, Eén God met één goddelijke natuur, in een volmaakte eenheid van drie verschillende Goddelijke Personen. Mensen kunnen door zelf te redeneren bij deze waarheid uitkomen, zoals Neoplatoonse filosofen in het klassieke Griekenland. Maar alleen door de genade van het geloof kunnen wij dit mysterie belijden (confiteor) op authentiek christelijke wijze. Hoe redeneringen en intellect ook trachten deze Waarheid te benaderen, de Openbaring en de genade van het geloof zijn noodzakelijk om de rede aan te vullen.

In het collectegebed aanbidden wij de gloria Trinitatis, de maiestas Unitatis. Zij bezitten “kracht/macht” (potentia). Het concept maiestas is in de geschriften van de Latijnse Vaders verweven met het begrip gloria. Bij vroege Latijnse Vader zoals de H. Hilarius van Poitiers (+368), de H. Ambrosius (+ 397) en in vroege liturgische teksten betekenen maiestas /gloria veel meer dan eenvoudig “schittering”, “glans”, “faam”, “éclat”. De Latijnse liturgische begrippen gloria en maiestas zijn gerelateerd aan het bijbels Griekse doxa en het Hebreeuwse kabod.

“Glorie” en “majesteit” drukken vanuit menselijk perspectief de erkenning van God als God uit en wijzen ook op die machtige goddelijke karakteristiek die God met ons wil delen en waardoor Hij ons wil omvormen. “Glorie” en “majesteit” roepen in onze liturgische gebeden gezien deze eschatologische, onvoorstelbare betekenis de Laatste Werkelijkheid op.

De glorierijke heerlijkheid waartoe God ons omvormt en waarin wij in de hemel ten volle mogen delen is voorafgebeeld in de ontmoetingen van Mozes met God, toen Hij in de wolk (Hebreeuws: shekina) op de Tent van samenkomst neerdaalde. Na deze ontmoetingen schitterde het gelaat van Mozes zó stralend als de zon, dat hij de glans met een sluier moest bedekken.

Laten we met ontzag en eerbied uitzien naar de gave die ons wacht, als we tenminste sterven als vrienden van God. We zullen niet langer zien in een wazige spiegel en tastend zoeken naar God, maar zullen dan oog in oog staan (cf 1Kor 13,12) met het Mysterie van de H. Drieëenheid, Vader, Zoon en Heilige Geest.

Moge de Heilige Drieëenheid ons, anticiperend, alle genade geven reeds nu te mogen delen in de goddelijke glorie. Moge deze band van liefde en waarheid met de Drieëne God ook te herkennen zijn in de manier waarop we met onze naasten omgaan en in de huiver waarmee we de Drieëne God mogen en moeten aanbidden.

Prefatie Hoogfeest H. Drieëenheid zondag na Pinksteren

Heilige Vader, machtige eeuwige God,
om recht te doen aan uw heerlijkheid,
om heil en genezing te vinden,
zullen wij U danken, altijd en overal.

Met uw veelgeliefde Zoon en met de Heilige Geest
zijt Gij één God en onze enige Heer.
Wat wij weten en geloven van U, Vader,
dat weten en geloven wij ook van uw Zoon en van de Heilige Geest.
En wij belijden dat Gij God zijt,
eeuwig, waarachtig en trouw,
Gij, drie Personen, even goddelijk voor ons en even groot,
o heilige Drieëenheid,
Gij één van hart, één God die wij aanbidden.
En ook de Engelen aanbidden U,
de Cherubs voor uw troon, de Serafijnen,
zij roepen dag aan dag,
als uit één mond:

Sanctus, Sanctus, Sanctus!

zondag 24 mei 2026

Veni Sancte Spiritus - Sequentia van Pinksteren



Kom, o Geest des Heren, kom uit het hemels heiligdom, waar Gij staat voor Gods gezicht. Kom der armen troost, daal neer, kom en schenk uw gaven, Heer, kom wees in de harten licht.

Kom o trooster, heil’ge Geest, zachtheid die de ziel geneest, kom verkwikking zoet en mild. Kom o vrede in de strijd, lafenis voor ‘t hart dat lijdt, rust die alle onrust stilt.

Licht dat vol van zegen is, schijn in onze duisternis, neem de harten voor U in. Zonder uw geheime gloed, is er in de mens geen goed, is de ziel niet rein van zin.

Was wat vuil is en onrein, overstroom ons dor domein, heel de ziel die is gewond, maak weer zacht wat is verstard, koester het verkilde hart, leid wie zelf de weg niet vond.

Geef uw gaven zevenvoud ieder die op U vertrouwt, zich geheel op U verlaat. Sta ons met uw liefde bij, dat ons einde zalig zij, geef ons vreugd die niet vergaat.

Veni Sancte Spiritus (Pentecost, Sequence)

zaterdag 23 mei 2026

Uitnodiging Sacramentsprocessie Sint Odiliënberg op zondag 7 juni 2026

 


De Sacramentsprocessie trekt Deo volente ook dit jaar door Sint Odiliënberg (wellicht via een wat andere route dan andere jaren vanwege wegwerkzaamheden).

Iedereen, jong en oud, is welkom om te getuigen dat God letterlijk aanwezig is in onze leefwereld, om God de eer te geven die Hem toekomt en om Gods zegen over dorp en deelnemers af te smeken.
In de geconsacreerde Hostie, het Heilig Sacrament, is Jezus Christus Zelf onder de gedaante van brood aanwezig. De priester draagt de Hostie in de monstrans zichtbaar mee in de processie.

U kunt deelnemen:
door gewoon aan te sluiten of, zo u wilt, deelnemen aan een van de groepen. 
Ook jonge kinderen, de allerkleinsten als engeltjes bij de 'engelbewaarder', Eerste Communicanten, vormelingen of anderen zijn bij deze uitgenodigd.

Contact:

tel. 0475 53 2074

e-mail: inlichtingen@priorijthabor.nl



Zalig Pinksteren! - “Per Te sciamus da Patrem” (Door U de Vader mogen kennen)




“Per Te sciamus da Patrem”

Geef dat wij door U de Vader mogen kennen
En de Zoon mogen begrijpen;
En dat wij steeds geloven dat
Gij de Geest zijt van Hen beiden.

De zusters van de Priorij Thabor wensen U een Zalig Pinksteren.

Lezingen H. Mis Pinksteren

Eerste lezing (Hand. 2,1-11)
Uit de Handelingen van de Apostelen.
Toen de dag van Pinksteren aanbrak, waren allen bijeen op dezelfde plaats. Plotseling kwam uit de hemel een gedruis alsof er een hevige wind opstak en heel het huis waar zij gezeten waren, was er vol van. Er verscheen hun iets dat op vuur geleek en dat zich, in tongen verdeeld, op ieder van hen neerzette. Zij werden allen vervuld van de heilige Geest en zij begonnen te spreken in vreemde talen, naargelang de Geest hun te vertolken gaf. Nu woonden er in Jeruzalem Joden, vrome mannen, die afkomstig waren uit alle volkeren onder de hemel. Toen dat geluid ontstond, liepen die te hoop en tot hun verbazing hoorde iedereen hen spreken in zijn taal. Zij waren buiten zichzelf en zeiden vol verwondering: “Maar zijn al die daar spreken dan geen Galileeërs? Hoe komt het dan dat ieder van ons hen hoort spreken in zijn eigen moedertaal? Parten, Meden en Elamieten, bewoners van Mesopotamië, van Judea en Kappadocië, van Pontus en Asia, van Frygië en Pamfylië, Egypte en het gebied van Libië bij Cyrene, de Romeinen die hier verblijven, Joden zowel als proselieten, Kretenzen en Arabieren, wij horen hen in onze eigen taal spreken van Gods grote daden.”

Tweede lezing (1 Kor. 12,3b-7.12-13)
Uit de eerste brief van de heilige apostel Paulus aan de christenen van Korinte.
Broeders en zusters, niemand die zegt: “Jezus is vervloekt” staat onder invloed van de geest van God; en niemand kan zeggen: “Jezus is de Heer” tenzij door de heilige Geest. Er zijn verschillende gaven, maar slechts één Geest. Er zijn vele vormen van dienstverlening, maar slechts één Heer. Er zijn allerlei soorten werk, maar er is slechts één God, die alles in allen tot stand brengt. Maar aan ieder van ons wordt de openbaring van de Geest meegedeeld tot welzijn van allen. Het menselijk lichaam vormt met zijn vele ledematen één geheel; alle ledematen, hoe vele ook, maken te zamen één lichaam uit. Zo is het ook met de Christus. Wij allen, Joden en Grieken, slaven en vrijen, zijn immers in de kracht van één en dezelfde Geest door de doop één enkel lichaam geworden en allen werden wij gedrenkt met één Geest.

Evangelie (Joh. 20, 19-23)
In de avond van de eerste dag van de week, toen de deuren van de verblijfplaats der leerlingen gesloten waren uit vrees voor de Joden, kwam Jezus binnen, ging in hun midden staan en zei: “Vrede zij u.” Na dit gezegd te hebben, toonde Hij hun zijn handen en zijn zijde. De leerlingen waren vervuld van vreugde toen zij de Heer zagen. Nogmaals zei Jezus tot hen: “Vrede zij u. Zoals de Vader Mij gezonden heeft, zo zend Ik u.” Na deze worden blies Hij over hen en zei: “Ontvangt de heilige Geest. Als gij iemand zonden vergeeft, dan zijn ze vergeven, en als gij ze niet vergeeft, zijn ze niet vergeven.”


donderdag 14 mei 2026

We bidden tussen Hemelvaart en Pinksteren dagelijks het gebed van de Pinksternoveen - "Kom, heilige Geest!"


De Pinksternoveen is het kerkelijk gebed om de werking van de Heilige Geest, af te smeken gedurende de negendaagse periode tussen Hemelvaart en Pinksteren. De noveen ter ere van de Heilige Geest is het oudste van alle novenen. De Heer zelf stelde het in toen Hij zijn apostelen terug zond naar Jeruzalem om daar te wachten op de komst van de Heilige Geest op het eerste Pinksteren. Het begint daags na Hemelvaart en eindigt op Pinksteren.  Gericht tot de derde persoon van de Heilige Drievuldigheid, is het een krachtig smeekgebed om de zeven gaven van de Heilige Geest . 

De zeven gaven van de Heilige Geest zijn: wijsheid, inzicht, raad, sterkte, kennis, vroomheid en ontzag voor God. In hun volheid behoren ze toe aan Christus, de Zoon van David. Ze voltooien de deugden van hen die ze ontvangen en brengen die tot volmaaktheid. Ze maken de gelovigen volgzaam om onverwijld te gehoorzamen aan de goddelijke ingevingen. 

Het morele leven van de Christenen wordt ondersteund door de gaven van de Heilige Geest. Dit zijn permanente gesteltenissen die de mens gehoorzaam maken om de ingevingen van de Heilige Geest te volgen.

Uw geest, die goedertieren is, geleide mij op effen paden” (Ps. 143, 10). Allen die zich laten leiden door de Geest van God, zijn kinderen van God (...). Maar als wij kinderen zijn, dan ook erfgenamen, en wel erfgenamen van God, tezam met Christus (Rom. 8, 14.17). 
Zie ook CKK 1830 en 1831

Wij bidden dagelijks:

Kom, Heilige Geest,
vervul de harten van uw gelovigen
en ontsteek in hen het vuur van uw liefde.
Zend uw Geest uit
en alles zal herschapen worden;
en Gij zult het aanschijn van de aarde vernieuwen.

Laat ons bidden:
God, Gij hebt de harten van uw gelovigen
door de verlichting van de Heilige Geest onderwezen;
geef, dat wij door die Heilige Geest
de ware wijsheid mogen bezitten
en ons altijd over zijn vertroosting verblijden.

Door Christus onze Heer.
Amen.

Collectegebed Hoogfeest Hemelvaart - De Hemelvaart van Christus, uw Zoon, is ook onze verheffing


Collectegebed Hoogfeest Hemelvaart - De Hemelvaart van Christus, uw Zoon, is ook onze verheffing

Fac nos, omnipotens Deus, sanctis exsultare gaudiis, et pia gratiarum actione lætari, quia Christi Filii tui ascensio est nostra provectio, et quo processit gloria capitis, eo spes vocatur et corporis.

Almachtige God, laat ons juichen en blij zijn, vol dankbaarheid, omdat de hemelvaart van Christus, uw Zoon, ook onze verheffing is. Zijn glorie bij U is onze hoop, want wij vormen één lichaam met Hem die ons Hoofd is: Jezus Christus onze Heer.

Poging tot meer letterlijke vertaling
Laat ons, almachtige God, van heilige vreugde juichen, en vreugde gevoelen in vrome dankbaarheid, omdat de Hemelvaart van Christus, uw Zoon, ook onze verheffing is: en waarheen de glorie van het Hoofd (Christus) is voorgegaan, daarheen wordt ook de hoop van het Lichaam (de Kerk) geroepen.

Volgens de kalender van de Nederlandse kerkprovincie vieren wij de Hemelvaart van onze Heer op de veertigste dag na Pasen. Elders is ook wel besloten Hemelvaart te vieren op de zevende zondag van Pasen vanuit het motief dat dan meer mensen het mysterie van de Hemelvaart des Heren in de kerk kunnen vieren. Vanaf de vierde eeuw is het feest op de veertigste dag, dus op donderdag, gevierd.

L i t u r g i s c h e   a n t e c e d e n t e n
Dit gebed is een nieuwe tekst geschreven voor de Novus Ordo uit 1969 van Paulus VI. De belangrijkste bron voor de tekst is een preek van paus Leo de Grote (461), Sermo 73,4:

Quia igitur Christi ascensio, nostra provectio est, et quo praecessit gloria capitis, eo spes vocatur et corporis, dignis, dilectissimi, exultemus gaudiis et pia gratiarum actione laetemur.

De woorden “gratias agere” betekenen “dank zeggen”. “Dank U” is in het Latijn: gratias tibi ago. De verbinding met het begrip “Eucharistie” is duidelijk. In liturgisch verband betekent “actio” vaak “het liturgische doen” , "de liturgieviering", en zelfs de kern van de Heilige Mis, het Eucharistisch Gebed. “Provectio “ betekent “verheffing”, “bevordering”, "overstijging".

De woorden "Hoofd" en "Lichaam" zijn met hoofdletters geschreven omdat Leo de Grote daarmee doelt op Christus als Hoofd en op de Kerk als het Lichaam van Christus.

Op 1 juni 444 preekte Leo de Grote in sermo 73,4:

"Het was voorwaar een grote, onbeschrijfelijke bron van vreugde toen, ten aanschouwen van de hemelse schare, het mensdom is opgevaren boven de waardigheid van alle hemelse wezens, de engelenschaar en de rangen van de Aartsengelen. In zijn Hemelvaart oversteeg Hij de andere rangen totdat Hij werd ontvangen bij de zetel van de eeuwige Vader, en verbonden op de Glorietroon in die Ene, waarin de Vader samengaat met de Zoon”.

Paus Leo de Grote (geïnspireerd door St. Augustinus – 325) preekte op 17 mei 445
(in sermo 74, 3):

"[Ons katholieke] geloof], versterkt door de Hemelvaart van de Heer en versterkt door de gaven van de Heilige Geest, is niet bang van ketenen, gevangenis, ballingschap, honger, vuur, of verscheurd te worden door wilde dieren, noch van hevig lijden door wreedheid van vervolgers.  Over de hele wereld, hebben niet alleen mannen maar ook vrouwen, niet alleen onvolwassen jongens maar ook kwetsbare maagden geleden voor dit geloof en zelfs hun bloed vergoten.  Dit geloof heeft demonen verdreven, van ziekten genezen en doden doen opstaan".

We weten vanuit ons katholieke geloof,  “dat niet wordt aangenomen, wat niet reeds was verlost” (H. Gregorius van Nazianze d 389/90).

Onze menselijke natuur, lichaam en ziel, werd door de Zoon opgenomen in een onverbrekelijke band met Zijn goddelijke Natuur. Toen Christus uit het graf opstond, werd onze menselijke natuur verheven.  Toen Christus naar de hemel is opgevaren, zijn ook wij opgevaren. In Christus Jezus zetelt onze menselijke natuur nu aan de rechterhand van de Vader. 

Zijn hemelvaart destijds is nu onze grote hoop.  Onze hoop is reeds vervuld, maar nog niet ten volle. 


Die hoop draagt ons bij de beproevingen in dit leven.

Met dank aan en toestemming van Father Zuhlsdorf 

maandag 11 mei 2026

HOMILIE OP HET HOOGFEEST VAN DE HH. WIRO, PLECHELMUS EN OTGERUS

 

HOMILIE OP HET HOOGFEEST VAN DE 

HH. WIRO, PLECHELMUS EN OTGERUS

Kerkpatronen van de basiliek in Sint Odiliënberg (8 mei 2026)


Br. Thijs Ketelaars, abt van de Adelbertabdij te Egmond

















Ter voorbereiding van het hoogfeest van vandaag las ik twee bijdragen van professor Linssen over de geschiedenis van de patroonheiligen Wiro, Plechelmus en Otgerus. En ondanks alle geleerdheid en speurzin van de professor is de conclusie na dertig pagina’s dat er historisch eigenlijk niets met zekerheid te zeggen valt.

Om die leegte in te vullen heeft de traditie zwerfstenen uit het verleden opgeraapt en daarmee verhalen gecreëerd. Zo horen wij over bisschop Balderik van Utrecht die in het jaar 966 door een visioen de vindplaats kreeg aangewezen van relieken, waaronder die van Wiro, Plechelmus en Otgerus. Mogelijk zijn ze al kort daarna hier in Berg in het reliekengraf geplaatst. Zo werden ze bewakers van deze plek, en bevestigden met hun aanwezigheid ook de rechten van de bisschop van Utrecht hier.

De traditie verhaalt dat het Schotse peregrini, rondtrekkende monniken waren, zonder vaste woonplaats en dat Wiro en Plechelmus bisschoppen zouden zijn geweest en Otgerus diaken. Misschien waren het tijdgenoten van Willibrord en Adelbert of waren ze zelfs nog voor hen naar deze streken gekomen. Eén ding is zeker, de eeuwen door zij de namen bewaard gebleven van de drie rondtrekkende boden van het evangelie Dat mag op zich al een wonder heten. Dat doet vermoeden dat ze een indruk hebben gemaakt en mensen door hen zijn geraakt. Dat wij over hun persoonlijk leven, hun uiterlijk en hun daden niets of nauwelijks iets weten kan teleurstellen, maar je zou het ook kunnen lezen als een heel evangelisch getuigenis. In onze tijd wordt door artiesten om het hardst geschreeuwd om in de publiciteit te komen, maar dat past niet bij de ware evangelieverkondigers. Die horen immers niet zichzelf op de voorgrond te plaatsen, integendeel, zij dienen in woord en daad getuigen te zijn van de verrezen Heer, die niet eigen eer en aanzien heeft gezocht, maar beeld en gelijkenis is geweest van de Vader, die ons leven wil geven en wel in overvloed. En in dat voetspoor zijn onze patroonheiligen Jezus gevolgd.

Maar wie toch verlegen zit om een duidelijker profiel, wordt door de liturgie van deze feestdag op zijn wenken bediend. De lezingen van deze dag tekenen immers een beeld van de authentieke getuige van het evangelie. Wiro, Plechelmus en Otgerus hebben die teksten zelf vele malen gehoord en gelezen en zij hebben er hun roeping in herkend.

De eerste lezing uit het boek Jezus Sirach spreekt de lof van vrome mannen die met hun leven getuigenis hebben afgelegd van Gods verbond met ons mensen. Hun wijsheid is niet vergeten en wij zijn er nog steeds dankbaar voor en hun namen worden nog steeds met ere vermeld. Zij hebben er zelf niet mee staan pronken, maar door hun zorg voor mensen en hun getuigenis van Gods liefde voor heel de schepping zijn zij geen naamloze en kleurloze figuren geweest, maar mensen met en eigen naam en gezicht, mensen die het evangelie van de vrede handen en voeten hebben gegeven en een uitnodigend gezicht. Zij verkondigden een blijde boodschap.

In de tweede lezing hoorden wij de woorden die Paulus bij zijn afscheid tot de oudsten heeft gesproken. Hij wijst niet alleen de oudsten op hun verantwoordelijkheid in Gods gemeente, maar wij horen er ook de zorg en liefde, de onvermoeide inzet van de apostel in klinken. Boodschapper van het evangelie is geen parttime betrekking, maar een leven dat zich geeft van de vroege morgen tot de late avond. Dat is geen pleidooi voor een burn-out, maar het laat zien dat een apostel geen functionaris is maar een leven dat het gaat om een manier van zíjn. Met heel je wezen, met al je gaven van hoofd en hart de kerk dienen, opdat Christus in ons geboren wordt. Dat is geen mensen werk, maar werk van de Geest, maar het kan niet zonder de beschikbaarheid en de inzet van ons mensen. In de laatste regel van de apostellezing hoorden wij hoe Paulus met hen allen neerknielt en bidt. Een mooier beeld van apostolaat is moeilijker voorstelbaar. Het leven van een apostel begint met bidden en eindigt met bidden voor en met wie aan hem zijn toevertrouwd.

Tot slot het evangelie. Daar ontmoeten wij Jezus zelfs als de goede herder. Allen die geroepen worden om het evangelie te verkondigen, zullen  zich aan deze Herder moeten spiegelen en in Zijn voetstappen moeten treden. Opvallend is dat die tekst begint met te zeggen wat een goede herder niet is. Hij is geen huurling, geen wolf en geen rover. Die hebben allemaal geen hart voor de schapen, maar zijn hoe dan ook, uit op eigen voordeel en gewin. Voordat wij de goede herder kunnen volgen, dienen wij dus korte metten te maken met een houding die eigen voordeel en eigen glorie in het vaandel heeft staan. Dat is een houding die haaks staat op Jezus’ gaan en staan.

Na die negatieve beschrijving volgt dan het positief getekende portret van de goede herder. En daar valt op dat Jezus begint met het opnoemen van een aantal activiteiten, maar, als ik het zo zeggen mag, met een liefdesverklaring: ‘Ik ken de Mijnen en de Mijnen kennen Mij.’ Herder zijn zoals Jezus, dat is allereerst een relatie hebben met alle schapen die je zijn toevertrouwd. Dan kun je een gemeenschap opbouwen waar herder en schapen weten wat ze aan elkaar hebben. Zoals wij de namen kennen van Wiro, Plechelmus en Otgerus, zo kent Jezus al zijn schapen bij name. Ieder met een eigen gezicht en een eigen naam, met een eigen verhaal en vader Benedictus zou zeggen, elk ook met zijn eigen tempo.

Wij vieren vandaag drie herders die door de Heer zijn geroepen om in Zijn voetstappen te treden en wij zijn dankbaar dat zij daar met inzet van heel hun leven ja op hebben gezegd. Laat hun voorbeeld ons er toe aanzetten op de plak waar wij staan eenzelfde herderlijke zorg te tonen voor wie aan ons zijn toevertrouwd.

Amen


woensdag 29 april 2026

Feest van de H. CATHARINA VAN SIENA, medepatrones van Europa (29 april)

 


Feest van de H. CATHARINA VAN SIENA,
medepatrones van Europa


Een gebed

O geliefde Vader, toen het menselijk ras ziek op de bodem lag door de zonde van Adam, heeft U het een dokter gezonden, het liefelijke en beminnelijke Woord, Uw Zoon.
Vandaag hebt U, troostrijke en liefelijke Dokter, eeuwige God, mij daarbij, omdat ik uit grote onwetendheid en nalatigheid ziek neerlag, een kalmerend, zoet en bitter medicijn gegeven, zodat ik van mijn ziekte genezen zou en zou opstaan. U hebt mij getroost door U aan mij te openbaren met uw liefde en tederheid, die zoeter is dan alle zoetheid. U hebt het oog van mijn verstand met het licht van het allerheiligst geloof verlicht, waardoor ik de verhevenheid van de genade, die U de mensheid geschonken hebt door haar de gehele God-Mens in het mystieke Lichaam van de heilige Kerk toe te vertrouwen, heb leren kennen. Ik heb daarnaast de waardigheid leren kennen van uw bedienaren, die U hebt uitverkoren om U aan ons uit te delen.

Laat dus niet na de weg te volgen. Blijf niet neerliggen en veroorloof je niet je eigen manier om Mij te dienen te verkiezen boven de manier, die Ik voor jou geëffend heb door middel van mijn Waarheid, het Vleesgeworden Woord, en opgebouwd heb met Zijn Bloed. Sta dus op, onmiddellijk, en volg Hem, want niemand kan tot Mij, de Vader komen, tenzij door Hem.

Uit: Catharina van Siena, de Dialoog

Afbeelding:
Andrea Vanni

zondag 8 februari 2026

Het Onze Vader-gebed van Sint Bakhita


St. Bakhita overpeinsde gedurende haar hele leven de betekenis van het Onze Vader op een manier die verder gaat dan woorden. Haar interpretatie van het gebed onthult een diep begrip van missie en genade, en biedt waardevolle spirituele leringen.

“Uw wil geschiede”: Bakhita's missie

Het eerste verzoek van het Onze Vader, “Uw Wil geschiede,” werd door Bakhita ervaren als een missie. Van de ervaring van slavernij tot de omarming van geloof, weerspiegelde haar leven de reis van acceptatie van de goddelijke wil.

Bakhita's missie was geworteld in dienstbaarheid aan anderen, waarbij zij de wil van de Vader belichaamde in de context van haar dagelijks leven.

“Zoals in de hemel, zo ook op aarde”: Genade in Bakhita's hart

Het tweede verzoek, "Zoals in de hemel, zo ook op aarde," vond een echo in Bakhita's hart door de praktijk van genade. Haar verhaal van vergeving jegens degenen die haar tot slaaf maakten, weerspiegelt de essentie van dit gebed. Genade wordt de brug tussen haar aardse ervaring en de hoop op een hemelse realiteit.

“Geef ons heden ons dagelijks brood”: delen als missie

Bakhita begreep, ondanks haar pijnlijke ervaring van honger en armoede, de diepere betekenis van het derde verzoek. Het delen van dagelijks brood werd voor haar een missie om anderen te helpen. Haar toewijding om te dienen en te delen weerspiegelt haar zoektocht naar een bredere betekenis in het dagelijks leven.

“Vergeef onze overtredingen zoals wij degenen vergeven die ons beledigen”: Bakhita's genade

Het vermogen om te vergeven staat centraal in het Onze Vader, en voor Bakhita werd dit principe belichaamd door vergeving aan degenen die haar slecht behandelden. Het vierde verzoek wordt een leidraad voor haar missie om genade te verspreiden, wat aantoont dat liefde de diepste wonden kan overwinnen.

“Leid ons niet in verzoeking, maar verlos ons van het kwaad”: de missie om onrecht te bestrijden

De vijfde petitie wordt een oproep aan Bakhita's missie om onrecht te bestrijden. Haar leven was een strijd tegen de duistere krachten van onderdrukking en slavernij. Haar getuigenis nodigt ons uit om ons te committeren aan de missie om anderen te bevrijden van het kwaad dat de menselijke waardigheid bedreigt.

Conclusies

Het Onze Vader, gezien door de ogen en het hart van St. Josephine Bakhita, wordt een reis van missie en genade. Haar leven inspireert ons om deze smeekbeden niet alleen als gereciteerde woorden te leven, maar als een diepe oproep om agenten van verandering en genade te zijn in de wereld om ons heen.

bron: spazio + spadoni